Ben je jonger dan 18 en vrouw, dan behoor je tot de grootste uitgesloten groep ter wereld. Over de hele planeet hebben meisjes met specifieke vormen van discriminatie te maken. Hoog tijd dus dat meisjesrechten een hot topic worden. Met het rapport Girls’ Rights are Human Rights en het Girls’ Rights Platform maant Plan International overheden en internationale instellingen alvast aan om zich het leven van miljoenen meisjes veel meer aan te trekken.

Meisjes = grootste uitgesloten groep ter wereld

Alle kinderen hebben recht op onderwijs. Dat staat zo in het Internationaal Verdrag voor de Rechten van het Kind. Maar wist je dat naar school gaan wereldwijd vooral voor meisjes niet evident is? Als er te weinig scholen zijn bijvoorbeeld, dan heeft dat vooral op hen een impact. Ze moeten veel doen in het huishouden en dat valt niet te combineren met een lange weg naar school. Veel meisjes vermijden die weg ook omdat het risico groot is dat ze aangerand worden.

Kindhuwelijken, genitale verminking, ongewenste zwangerschappen, ... Duidelijk allemaal mensenrechtenschendingen waar meisjes het grootste slachtoffer van zijn. Maar merkwaardig genoeg komen die specifieke problemen waar meisjes mee te maken krijgen niet in het Kinderrechtenverdrag aan bod. En ook in andere internationale rechtsbronnen gaat het maar zelden over ‘meisjes’, zo blijkt uit het rapport Girls Rights are Human Rights, waarmee Plan International verslag uitbrengt over onderzoek naar meer dan 1.300 internationale bronnen, waaronder tal van belangrijke verdragen.

 

    rapport

     

    Wat is het gevolg? Miljoenen meisjes blijven onzichtbaar. Meisjes die uitgesloten en gediscrimineerd worden en geen kansen krijgen om zich te ontplooien. Dat moet dringend veranderen. Internationale verdragen en andere bronnen van internationaal recht spelen daarin een grote rol.

    Meisjesrechten benoemen = problemen blootleggen

    Sinds de jaren veertig, na Wereldoorlog II dus, worden mensenrechten systematisch en expliciet op papier gezet. Het is toen dat alle landen via de algemene vergadering van de Verenigde Naties het eens werden over de Internationale Verklaring voor de Rechten van de Mens, een mijlpaal voor de mensenrechten. Ze maakten ook de afspraak dat mensenrechten aan elke mens toebehoren. Anno 2018 is het merendeel van de mensen en overheden het erover eens dat niemand mag worden gefolterd, dat iedereen recht heeft op vrije meningsuiting, op onpartijdige rechtspraak, gezondheidszorg, enzovoort. En al die mensenrechten maken deel uit van het internationaal recht.

    Doorheen de jaren zijn ook concretere problemen op de internationale agenda gezet en als mensenrechten in internationale akkoorden gegoten. Een voorbeeldje? Het VN-Verdrag voor de rechten van mensen met een handicap. Daarin zijn rechten voor mensen met een handicap geformuleerd, die met specifieke vormen van discriminatie te maken hebben. Of het VN-Verdrag voor de uitbanning van alle vormen van discriminatie van vrouwen. Daarin staat bijvoorbeeld dat vrouwen het recht hebben om in alle vrijheid een echtgenoot te kiezen. Gedwongen huwelijken komen er expliciet in aan bod. En het verdrag maakt duidelijk dat wie een vrouw verplicht om te trouwen, een mensenrechtenschending begaat.

    Maar ook in dat VN-Vrouwenrechtenverdrag, vaak vermeld onder de Engelse afkorting CEDAW, gaat het amper over vormen van discriminatie en geweld waar vooral meisjes mee te maken krijgen en die kunnen verschillen van de discriminatie van vrouwen. We kunnen niet genoeg herhalen dat het voor overheden en internationale organisaties een automatische reflex zou moeten zijn om meisjes aan het woord te laten en naar hen te luisteren. De problemen waar zij slachtoffer van zijn moeten duidelijk en helder worden geformuleerd met het oog op aanvullende en nieuwe internationale normen.

    Meisjesrechten erkennen = overheden nemen verantwoordelijkheid op

    Het nieuwe rapport van Plan International legt er nog eens de nadruk op dat meisjesrechten mensenrechten zijn. Waarom is dat nu zo belangrijk? Wel, omdat mensenrechten overheden aanmanen om hun verantwoordelijkheid op te nemen tegenover hun burgers. Mensenrechten verbieden de overheid vaak om iets te doen. In het Kinderrechtenverdrag staat bijvoorbeeld dat de overheid kinderen niet mag opsluiten, tenzij als ‘uiterste maatregel’ en voor de ‘kortst mogelijke duur’. Maar mensenrechten kunnen de overheid ook opleggen om net wel iets te doen. In het VN-Vrouwenrechtenverdrag bijvoorbeeld staat dat overheden moeten werken aan de ‘uitbanning van elke stereotiepe opvatting van de rol van mannen en vrouwen op alle niveaus en in alle vormen van onderwijs’.

    Wanneer er aanvullende en nieuwe internationale normen in werking treden die meisjes beschermen, dan legt dat een grote druk op overheden om actie te ondernemen. Bijvoorbeeld:

    • om actiever op te treden tegen kindhuwelijken;
    • om te zorgen voor goeie seksuele voorlichting zodat minder meisjes op jonge leeftijd zwanger worden;
    • om te garanderen dat een jong zwanger meisje de zwangerschap kan onderbreken, enzovoort.

    Wat zeker zou helpen, is dat het Kinderrechtenverdrag en Vrouwenrechtenverdrag worden aangevuld met een gezamenlijke aanbeveling of commentaar over meisjesrechten. Het is een manier om meisjes via die verdragen beter te beschermen.

    Wel moet worden gelet op de addertjes onder het gras. In het internationaal recht zijn dat de zogenaamde ‘voorbehouden’. Wanneer een land een verdrag ondertekent, dan kan het verklaren dat een bepaald deel niet op dat land van toepassing is omdat het met iets dat in het verdrag staat niet akkoord gaat. Dikwijls is de reden religie of lokale wetten en cultuur. Het Vrouwenrechtenverdrag is bijvoorbeeld bekrachtigd door 189 landen, maar 48 landen hebben voorbehouden. 16 landen hebben verklaard dat ze niet akkoord gaan met het verdragsartikel over gelijke rechten binnen het huwelijk. Zulke voorbehouden zijn volgens het rapport van Plan International problematisch. Tijdens onderhandelingen over internationale normen moet dus zoveel mogelijk worden vermeden dat religie en tradities worden misbruikt met als doel de rechten van meisjes uit te hollen. Het rapport raadt daarom aan om voor onderhandelaars opleidingsprogramma’s rond meisjesrechten uit te werken.

    Ten slotte nog twee aanbevelingen die eveneens in het rapport Girls Rights are Human Rights worden gemaakt: er moet binnen het kader van de Verenigde Naties een speciale rapporteur worden aangesteld die onderzoek doet naar en verslagen uitbrengt over meisjesrechten en meisjesrechtenschendingen. En ook de individuele klachtenprocedure die volgt uit de aanvullende protocollen bij het Kinderrechtenverdrag en Vrouwenrechtenverdrag moet worden versterkt.

    Verder lezen:

    • Het volledige Girls’ Rights are Human Rights rapport, dat ingaat op hard law, soft law, voorbehouden, trends, hiaten en aanbevelingen, lees je hier.
    • Plan International maakte ook een Girls’ Rights Platform. Het open platform bestaat uit innovatieve tools, waaronder een database met meer dan 1.300 beleidsdocumenten, opleidingsmateriaal rond meisjesrechten en een ‘UN debate tracker’ die staten op hun verantwoordelijkheid wijst. Het platform is een onmisbaar hulpmiddel voor ngo’s, jongerenactivisten, diplomaten, VN-agentschappen en academici die meisjesrechten bovenaan de internationale agenda zetten.

    Vind je dit artikel interessant? Deel het met je vrienden!