Er zijn heel wat redenen om kinderrechten een fundament van het onderwijs te noemen en ook als dusdanig te implementeren.  In de aanloop naar de verkiezingen van mei 2019 formuleert Plan International België haar aanbevelingen om de rechten van het kind op school te integreren.

Handleiding voor de integratie van Kinderrechteneducatie in het Nederlandstalige Onderwijs

Het Kinderrechtenverdrag (Internationaal Verdrag voor de Rechten van het Kind) besteedt veel aandacht aan onderwijs. Volgens het Verdrag hebben kinderen recht op onderwijs, rechten in het onderwijs en worden kinderrechten verwezenlijkt door onderwijs (Arts. 28-29). Plan International pleit daarom voor een structurele en duurzame verankering van kinderrechten, zowel binnen het onderwijsbeleid, de lerarenopleidingen als binnen de dagelijkse praktijk op school en in de klas. We stellen echter vast dat kinderrechten in het Vlaams onderwijs nog weinig bekend zijn en weinig actief worden toegepast en benut. 

Aangezien de kernopdracht van het onderwijs een educatieve opdracht is, spreekt het voor zich dat kinderrechteneducatie een belangrijk onderdeel vormt van de actieve toepassing van kinderrechten in het onderwijs. Bij kinderrechteneducatie staat het informeren en bewustmaken over kinderrechten centraal. Opdat kinderrechten in de praktijk zouden worden nageleefd, is het immers noodzakelijk dat iedereen de kinderrechten kent, weet wat ze betekenen en ze kan toepassen. Op dat vlak gaf het VN-comité voor de Rechten van het Kind België in zijn Slotbeschouwingen (2019) de opdracht om nog meer werk te maken van kinder- en mensenrechteneducatie op school en om meer inspanningen te doen om ervoor te zorgen dat alle bepalingen van het Kinderrechtenverdrag bekend raken bij een breed publiek en begrepen worden bij zowel volwassenen als kinderen. De volle realisatie van kinderrechteneducatie op school, houdt overigens tegelijk de verantwoordelijkheid in om werk te maken van de toepassing van kinderrechten. De algemene implementatie van kinderrechten in het onderwijs en het specifiek werk maken van kinderrechteneducatie zijn dus nauw met elkaar verbonden.

Kinderrechten als fundament van het onderwijs: waarom?

Er zijn heel wat redenen om kinderrechten een fundament van het onderwijs te noemen en ook als dusdanig te implementeren. 

De belangrijkste redenen zijn te vinden in het Kinderrechtenverdrag en de SDGs:

  • SDG 4. Verzeker gelijke toegang tot kwaliteitsvol onderwijs en bevorder levenslang leren voor iedereen
    • 4.5     Tegen 2030 genderongelijkheden wegwerken in het onderwijs en zorgen voor gelijke toegang tot alle niveaus inzake onderwijs en beroepsopleiding voor de kwetsbaren, met inbegrip van mensen met een handicap, en kinderen in kwetsbare situaties
    • 4.7     Er tegen 2030 voor zorgen dat alle leerlingen kennis en vaardigheden verwerven die nodig zijn voor een duurzaam groei, onder andere via vorming omtrent duurzame ontwikkeling en duurzame levenswijzen, mensenrechten, gendergelijkheid, de bevordering van een cultuur van vrede en geweldloosheid, wereldburgerschap en de waardering van culturele diversiteit en van de bijdrage van de cultuur tot de duurzame ontwikkeling.
  • Kinderen hebben recht op onderwijs (IVRK art. 28) 
  • Kinderen hebben rechten in het onderwijs (IVRK art. 28) 
  • Kinderrechten worden verwezenlijkt door het onderwijs (IVRK art. 29).
  • Kinderrechten moeten breed bekend worden gemaakt bij kinderen en volwassenen (IVRK art. 42)
  • Mensenrechten in het algemeen en kinderrechten in het bijzonder vormen een belangrijk onderdeel van de opdracht van het onderwijs. (IVRK art. 29b)

Verder biedt de actieve toepassing van kinderrechten heel wat bijkomende voordelen voor kinderen zelf, voor de verdere ontwikkeling van kinderrechten, voor het onderwijs en de verschillende betrokkenen daarin, en voor de maatschappij in zijn geheel:

  • Kinderen en jongeren staan centraal in de opdracht van het basis- en secundair onderwijs. De verankering van kinderrechten, het gebruik van kinderrechten als fundament en de actieve toepassing van kinderrechten in het onderwijs zou dan ook een evidentie moeten zijn. Vanuit zijn missie heeft het onderwijs ook een voorbeeldfunctie naar andere sectoren.
  • Het onderwijs is de plek bij uitstek om kinderen en volwassenen in aanraking te laten komen met kinderrechten en deze te leren toepassen in hun leef-, leer- en/of werkomgeving. De positie van het onderwijs is immers uniek door het grote bereik: enkel al door de leerplicht bereikt het onderwijs in principe alle 6 tot 18-jarigen. Via deze weg kan een grote meerderheid van kinderen en jongeren geïnformeerd en bewustgemaakt worden over hun rechten en wat die inhouden. Dit heeft niet enkel een intrinsieke waarde, maar leidt ook tot empowerment om positieve actie te ondernemen en de rechten van anderen te beschermen. Maar het onderwijs vandaag bereikt ook de volwassenen van morgen. Zowel toekomstige ouders als toekomstige beroepskrachten die direct of indirect met of voor kinderen zullen werken, worden opgeleid in het onderwijs. Door hen al als kind of jongere kennis te laten maken met kinderrechten in hun volle betekenis, is de kans veel groter dat ze die later ook actief en correct zullen toepassen in hun relatie met de kinderen van morgen.
  • De toepassing van kinderrechten leidt tot een verbetering van de onderwijskwaliteit én bevordert het welbevinden van zowel leerlingen, leerkrachten als ouders op school, zo wijzen talrijke ervaringen in binnen- en buitenland uit. Scholen die kinderrechten als basis gebruiken van hun hele schoolbeleid, realiseren heel wat positieve effecten. De relatie tussen leerkrachten en leerlingen verbetert, pestgedrag vermindert, burgerschapswaarden en – gedrag scoren beter, leerlingen tonen meer positieve attitudes tegenover diversiteit en tonen zich sterker in het respecteren van de rechten van anderen en het opkomen voor hun eigen rechten. Kinderrechten bieden scholen heel wat kansen om hun pedagogische opdrachten waar te maken. 

Uit recent onderzoek naar effecten van een traject kinderrechteneducatie blijkt: 

  • De motivatie van de leerlingen om aan de slag te gaan rond kinderrechten stijgt, tijdens de lessen, maar ook op de speelplaats wordt er verder gepraat over kinderrechten.
  • De gemiddelde score op een toets rond kinderrechten ligt zo’n 20% hoger dan anders het geval is. Enkele weken later kunnen de leerlingen nog steeds antwoorden op vragen over kinderrechten.
  • Het samenhorigheidsgevoel in de klas neemt toe, wat een positieve invloed heeft op de algemene betrokkenheid en het welbevinden van de leerlingen.
  • Een kinderrechtenbenadering versterkt het streven naar gelijke onderwijskansen. Uit bovenstaand punt blijkt al dat leerkrachten én leerlingen vanuit een kinderrechtenbenadering beter leren omgaan met diversiteit. Daarenboven blijkt dat een kinderrechtenbeleid vooral positieve effecten heeft in scholen met kinderen met een zwakkere sociale achtergrond. De schoolprestaties verbeteren er en het aantal afwezigheden van leerlingen daalt, evenals het verloop bij leerkrachten. 
  • Kinderrechten vormen een sterk verbindend kader of rode draad tussen verschillende thema’s waarmee scholen worden geconfronteerd (omgaan met pesten, realiseren van participatie, bewustmaking rond klimaat,…). Toepassen van kinderrechten gaat daarom niet per se over extra dingen doen, maar wel over dingen anders doen, duidelijker benoemen en zinvol verbinden. Op een moment dat leerkrachten en scholen soms overrompeld worden met uiteenlopende maatschappelijke verwachtingen, biedt het hen houvast om al deze zaken in één samenhangend kader te kunnen verbinden. Bovendien geeft een kinderrechtenkader hen de ruimte om eigen accenten te leggen naargelang de precieze context van de school. Binnen het kader van het partnerschap voor Kinderrechtenscholen werden verschillende tools uitgewerkt om dit verbindend kader op maat van individuele schoolvisies- en werkingen toe te passen.
  • De voorbije 2 jaar ging het Vlaams onderwijsveld door een reeks fundamentele politieke wijzigingen vanuit de nood aan een brede basisvorming. Om vanuit het onderwijs antwoorden te kunnen bieden op maatschappelijke uitdagingen werden eindterm-competenties geformuleerd rond o.a financiële geletterdheid, mediawijsheid en burgerschap. 

Bij de formulering valt op dat de focus sterk ligt bij het competentie-aspect. De - soms eenzijdige - focus op kennisverwerving lijkt verdwenen uit de formulering van de eindtermen. 

The proof of the pudding is in the eating. Komende jaren is het aan pedagogische begeleidingsdiensten, scholen en leerkrachten om dit burgerschap te vertalen naar de eigen koepel-school-en klascontext. Gezien de grote pedagogische vrijheid binnen het Vlaams Onderwijs zijn deze actoren niet alleen op educatief maar zeker ook op beleidsvlak cruciaal om te komen tot een kinderrechtenbenadering in de integratie van de burgerschapsdoelen. 

Uit het bovenstaande blijkt dat werk maken van kinderrechten niét noodzakelijk een extra tijdsinvestering betekent. Scholen doen vaak al heel wat dat impliciet te maken heeft met kinderrechten. Door deze met een kinderrechtenbril te bekijken en benaderen, wordt meteen een meerwaarde gerealiseerd. Er bestaan al heel wat goede praktijken op het terrein die dit aantonen. Kinderrechten is geen extra opdracht voor de scholen, maar juist een extra hefboom om hun kernopdrachten en eindtermen waar te maken. 

Aanbevelingen

Plan International Belgique propose les recommandations suivantes pour intégrer les droits de l’enfant aussi bien dans la vision du système éducatif francophone que dans les établissements scolaires eux-mêmes :

  1. De Onderwijskoepels/ Pedagogische begeleidingsdiensten zorgen voor een mainstreaming van elementen uit de Kinderrechtenscholen/ School4Rights-trajecten door ze te integreren in hun invulling van de burgerschaps-competenties. Dit kan gaan van het gebruik van meetinstrumenten over het integreren van methodieken in hun leerlijn tot het stimuleren van scholen om in een traject te stappen.
  2. De overheid zorgt voor een verdere mainstreaming van Kinderrechtenscholen/ School4Rights door erkenning van het traject als cruciaal onderdeel van de beleidsdomeinen Onderwijs (Burgerschap) en Jeugd (Kinderrechten). Deze erkenning toont zich zowel op financieel vlak door de overname van het domein Wereldburgerschap als op beleidsvlak door de integratie van het traject in bestaande overheidswerkingen zoals het traject Kindvriendelijke Steden en Gemeenten.
  3. Scholen, leerkrachten en andere onderwijsactoren erkennen en gebruiken kinderrechten als centraal kader met een duidelijke meerwaarde dat kan geïntegreerd worden in de pedagogische visie van de school.

  4. De overheid waakt over de aanwezigheid van kinderrechten in de integratie van de eindtermen binnen het onderwijsveld. Er wordt voortgebouwd én een voorbereidend traject uitgewerkt op de bouwsteen kinderrechten zoals geformuleerd in de burgerschapscompetenties voor de eerste graad secundair onderwijs. 
  5. Er is nood aan een gemeenschappelijk actieplan van overheid en onderwijsspelers over een versterkte toepassing van kinderrechten in het onderwijs. Hierbij moet aandacht zijn voor de relatie met andere onderwijsthema’s zoals gelijke onderwijskansen, participatie, burgerschap, kwaliteitszorg enzovoort. De overheid kan het voortouw nemen of de vraag stellen aan de VLOR (Vlaamse Onderwijsraad).
  6. Kinderrechten moeten meer vertaald worden naar alle vakken en richtingen. De overheid kan een onderzoek laten voeren naar de aandacht voor kinderrechten in onderwijshandboeken. Aan uitgeverijen vragen we om mee te werken aan het mainstreamen van kinderrechteneducatie in onderwijshandboeken. Onderwijsnetten en hun pedagogische begeleidingsdiensten kunnen inzetten op het ontwikkelen van eigen kinderrechteneducatie-materiaal, aangepast aan hun eigen pedagogisch project.
  7. Er is nood aan informatie en bewustmaking bij leerkrachten, directies, leerlingen, ouders en alle andere betrokkenen bij het onderwijs over kinderrechten. Zowel overheid, onderwijsactoren als kinderrechtenorganisaties hebben hierin een rol te spelen, en bundelen bij voorkeur de krachten.

Meer weten? 

Wouter Stes - Kinderrechteneducatie in België
Plan International België
02 504 60 11
wouter.stes@planinternational.be

DOWNLOAD ONS MEMORANDUM (PDF, 28 P. 1,1 MB)

Vind je dit artikel interessant? Deel het met je vrienden!