Alice Elliott (20) werd deze zomer na een WK-match betast. Ze getuigde erover en kreeg bakken kritiek en ongeloof over zich heen. Victim blaming, heet dat. We vroegen Alice, met wie we al meermaals samenwerkten, om er haar gedachten over neer te pennen.  

Teenager image created by Jcomp - Freepik.com

Deze tekst werd als open brief in het Nieuwsblad gepubliceerd.

Het was de dag na de match. Terwijl ik door mijn Facebook-tijdlijn scrolde, las ik plots dat ik een “mediageile aandachtshoer” was.

Samen met duizenden andere supporters had ik de avond voordien in een fandorp de overwinning van de Rode Duivels gevierd. Een overwinning die sommige mannen blijkbaar interpreteerden als vrijspel om aan zo veel mogelijk vrouwen hun lichaam te zitten. Niet alleen werd ikzelf die avond meerdere keren betast, ik zag ook andere meisjes betast worden. En geloof me, het fandorp mocht dan wel zo vol zijn dat er nauwelijks plaats was om te bewegen, het onderscheid tussen een accidentele aanraking en een hand onder je rok die in je bil knijpt, voel je meteen.

De gefrustreerde tweet die ik achteraf schreef, werd al snel opgepikt door een journalist die er een krantenartikel over wilde schrijven. Toen hij vroeg waarom ik geen aangifte had gedaan, zei ik dat ik dacht dat dat geen zin had. In die massa zouden ze toch nooit de mannen terugvinden die mij betast hadden, laat staan dat er bewijs was.

Achteraf leerde ik dat ik beter wel aangifte had kunnen doen, maar het krantenartikel was al gepubliceerd en de reacties waren, zoals wel vaker, genadeloos.

Mensen die mij niet kenden schreven dat ik een achterlijke, aandachtsgeile mannenhater was, een marginale trut, een wicht. Ze zeiden dat ik overdreef, dat ik erom gevraagd had, dat ik moest oprotten, dat ik moest stoppen met wenen en dat ik alles verzonnen had.

Ongeloof na getuigenis over seksuele intimidatie komt hard aan

Ik had nooit gedacht dat die negatieve reacties mij zouden beïnvloeden, maar ik merkte dat het mij harder raakte dan verwacht. Hoewel ik een paar uur eerder nog honderd procent zeker was van wat ik gevoeld en gezien had, begon ik mijzelf plots in vraag te stellen. Misschien was ik echt aan het overdrijven?

Ik sprak erover met Noa (22), die drie jaar geleden een opiniestuk schreef over het onveiligheidsgevoel van vrouwen in Antwerpen, nadat ze zelf op straat werd aangerand. Ook zij kreeg toen veel negatieve reacties. “Nog steeds krijg ik van tijd tot tijd berichten van mensen die vinden dat ik overdrijf, of dat ik het heb uitgelokt”, vertelt ze. “In het begin heb ik daar verdriet om gehad. Ik probeerde iets te veranderen na een negatieve ervaring, en kreeg haatreacties van mensen die vonden dat ik mediageil was. Ondertussen kan ik dat allemaal wel relativeren, maar het blijft knagen.”

Niet alleen in de media, maar ook in hun nabije omgeving stoten veel vrouwen op onbegrip. “Zelfs mijn mama zei dat het mijn eigen schuld was, omdat ik altijd zo vriendelijk ben tegen iedereen. Maar het is niet omdat ik vriendelijk ben, dat ik toestemming geef om zomaar aan mijn lichaam te zitten”, vertelt Jennifer (17), die aangerand werd door een uitwisselingsstudent die verbleef bij een vriendin. Ook de vriendin reageerde niet bepaald begripvol. “Kan ik je nu echt geen twee uur alleen laten zonder dat je iemand kust?”, was alles wat ze zei.

Toen Ana (39) aan een vriend vertelde dat ze meerdere keren door haar baas was aangerand, werd ze simpelweg uitgelachen. “Leuk, hoeveel extra gaat je baas je nu betalen?”, vroeg hij. Een andere vriendin haalde enkel haar schouders op. “Zulke dingen gebeuren nu eenmaal”, zei ze onverschillig. Ze toonde geen enkel begrip.

Ook Merel (21), die verkracht werd door haar ex, had het moeilijk met de reacties van haar vrienden. “Op een bepaald moment heeft mijn ex mij gekust en hoewel ik hem terugkuste, heb ik mij vrij snel teruggetrokken en gezegd dat ik dat niet wou. Hij luisterde niet. Minutenlang probeerde ik me te verzetten, maar hij was te sterk. Vrienden bij wie ik achteraf mijn hart heb gelucht, zeiden dat ik hem had opgegeild, en dat ik maar niet met hem had moeten afspreken.”

Doorschuiven van de schuld naar het slachtoffer

Het doorschuiven van de schuld naar het slachtoffer blijft een groot probleem. De situaties zijn verschillend, maar de reacties zijn vaak dezelfde.

Een aanranding is al pijnlijk genoeg, de moed vinden om erover te spreken en dan te horen krijgen dat je liegt, overdrijft, aandacht zoekt of erom gevraagd hebt, is afschuwelijk. 

Lena, 19

“Ik heb gemerkt dat daders altijd heel goed zijn in het uitleggen van waarom zij niets verkeerd gedaan hebben, of waarom het eigenlijk mijn schuld is”, zegt Ellis (25). “Volgens de vader in mijn Ghanese gastgezin was het maar een grapje, volgens mijn verkrachter was het omdat ik met hem gepraat had tijdens het uitgaan, volgens de vijf vrienden die mij samen aanrandden had ik maar niet naar hun kotfeestje moeten komen. Ze vinden altijd wel iets dat hun gedrag goedpraat.”

Slachtoffers zijn bang om niet geloofd te worden

De getuigenissen van Merel, Ana, Lena, Ellis en Jennifer zijn maar een fractie van de verhalen die ik toegestuurd kreeg na een oproep op Twitter. De hashtag #WhyIDidntReport laat nog veel meer van die verhalen zien. Om Christine Blasey Ford te steunen, die onlangs getuigde hoe Brett Kavanaugh, intussen benoemd tot opperrechter, haar aanrandde, vertellen tienduizenden vrouwen waarom ook dat zij geen aangifte van hun aanranding of verkrachting hebben gedaan. In de meeste gevallen heeft dat te maken met schuldgevoelens en de angst om niet geloofd te worden. Een terechte angst, blijkt voor de zoveelste keer, nu Fords moedige en ijzersterke getuigenis uiteindelijk niet heeft mogen baten.

Slachtoffers van seksueel misbruik leggen de schuld ook vaak bij zichzelf. Ze schamen zich, en verwijten zichzelf dat ze niet duidelijk genoeg waren, dat ze te veel gedronken hadden of dat ze te uitdagend gekleed waren. Nog een reden waarom ze vaak niet durven te vertellen wat er is gebeurd: ze weten goed genoeg dat hun verhalen zelden serieus genomen worden. Dat laatste werd nog maar eens bevestigd door de hoeveelheid mensen die Fords verhaal in het belachelijke trokken, haar afschilderden als leugenaar, en medelijden toonden met Kavanaugh, “wiens leven kon verpest worden”.

Niemand lokt een verkrachting of aanranding uit

“Ik heb lang gedacht dat het mijn eigen schuld was, dat ik onbewust foute signalen had gegeven”, vertelt Ana mij. “Daarom heb ik er met vrijwel niemand over gesproken. Ergens verwachtte ik al dat ze me niet zouden geloven, dat ze zouden denken dat ik overdreef. Ik kreeg gelijk.”

Het toont hoe diep victim blaming nog steeds in onze samenleving geworteld is. “Wat je ook draagt of doet, een aanranding of verkrachting ‘uitlokken’ of ‘erom vragen’, doet niemand. Toch betrap ik mezelf er nog steeds op dat ik wel eens dingen denk als ‘Had je nu niet beter een iets langer rokje aangedaan?’ of ‘Zou je niet beter wat minder drinken?’”, geeft Ellis toe.

Die onbewuste vooroordelen zijn moeilijk weg te krijgen, maar beseffen dat je er zelf door beïnvloed bent, is al een goed begin.

Probeer erbij stil te staan dat je misschien te snel oordeelt. Probeer te weten te komen van waar je eerste reactie van ongeloof of onbegrip komt. En zwijg gewoon als je iemand die met haar of zijn verhaal naar buiten komt niet wil geloven of steunen. Seksuele intimidatie en geweld moeten stoppen. Daar waar het soms nog in de sfeer van normaliteit zit, moet het eruit. Het probleem moet worden aangepakt, en dus moeten we het kennen. Daarom mogen we slachtoffers niet ontmoedigen om hun verhaal te doen, bijvoorbeeld door hen uit te lachen of uit te schelden. En zoals Lena het verwoordde: “zonder commentaar is het al pijnlijk genoeg”.

Alice Elliott, studente antropologie en sociologie. In 2015 reisde ze voor Het Nieuwsblad met ons mee naar Zambia en in 2016 deed ze mee aan onze girls takeover-actie.

Alice Elliott. Copyright: Plan International/Greetje Van Buggenhout

Vind je dit artikel interessant? Deel het met je vrienden!